In openbare zitting vergaderd;
Gelet op artikel 170, §4, van de Grondwet;
Overwegende dat de financiële toestand van de gemeente de invoering vergt van alle rendabele belastingen;
Gelet op het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en wijzigingen;
Gelet op de gemeenteraadsbeslissing van 10 december 2018 waarbij voor een periode eindigend op 31 december 2019 een gemeentebelasting werd ingevoerd op de automatische verdelers;
Overwegende dat er in de gemeente langs de openbare wegen allerhande automaten geplaatst werden;
Gezien deze verkoopspunten op gebied van leefmilieu meestal de oorzaak zijn van visuele hinder en het verspreiden van allerlei afval, wat de gemeente verplicht tot extra kosten voor opruiming;
Gelet op het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017;
Op voorstel van het schepencollege;
Met ingang van 01 januari 2020 en voor een periode eindigend op 31 december 2025, wordt ten bate van de gemeente een jaarlijkse belasting op automaten geheven.
Alle automaten, ongeacht welke producten of diensten er aangeboden worden, welke geplaatst zijn op privé domein, hetzij op openbaar domein, zijn onderworpen aan een belasting van € 275,00 per jaar en per automaat.
De belasting is ondeelbaar en verschuldigd door de eigenaar van de automaat en de toestand op 01 januari van het aanslagjaar wordt in aanmerking genomen.
Zijn niet onderworpen aan deze belasting:
- De automaten geplaatst door de gemeente en de instellingen van openbaar nut.
- De automaten die zodanig geplaatst zijn dat ze niet vrij toegankelijk zijn voor het publiek.
- De automatische ontspanningstoestellen onderworpen aan de gewestbelasting ingevolge artikel 93 van het wetboek op de met inkomstenbelastingen gelijkgestelde belastingen.
- De condoomautomaten
- De bankautomaten
- De tankautomaten
- De automaten ingebouwd in de gevel (zonder uitstulping) aan die handelszaak welke de aangeboden producten eveneens verkoopt en tentoonstelt in haar winkelrekken tijdens haar normale openingsuren.
De belastingplichtigen moeten bij het gemeentebestuur - financiën aangifte doen van elke automatische verdeler met een formulier dat door de administratie aan de belastingplichtige wordt verzonden.
Dit aangifteformulier moet binnen één maand na verzendingsdatum vermeld op het aangifteformulier, behoorlijk ingevuld en ondertekend aan het gemeentebestuur - financiën worden terugbezorgd.
Indien de belastingplichtige geen aangifteformulier toegestuurd heeft gekregen, dient hij zelf aangifte te doen uiterlijk op 30 juli van elk aanslagjaar. De administratie stelt op eenvoudig verzoek een formulier ter beschikking.
De aangifte kan via één van de volgende kanalen worden ingediend
- e-mail: andre.vertommen@balen.be;
- post: College van burgemeester en schepenen, Vredelaan 1, 2490 Balen;
Bij gebreke van een aangifte op de gestelde datum, of bij onvolledige, onjuiste of onnauwkeurige aangifte, kan de belasting ambtshalve worden ingekohierd conform de procedure voorzien in artikel 7 van het decreet van 30 mei 2008.
Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, betekent het college aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven, de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting.
De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen van de derde werkdag die volgt op de verzending van die kennisgeving om zijn opmerkingen schriftelijk voor te dragen. De ambtshalve vaststelling van de belastingaanslag kan slechts geldig worden ingekohierd gedurende een periode van drie jaar, te rekenen vanaf 1 januari van het aanslagjaar. Deze termijn wordt met twee jaar verlengd bij overtreding van de belastingverordening met het oogmerk te bedriegen of met de bedoeling schade te berokkenen.
De overeenkomstig artikel 6 ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd als volgt:
- 10 % bij een eerste overtreding;
- 40 %, 70% en 100% bij respectievelijk een tweede, derde en vierde overtreding, met dien verstande dat een correcte aangifte gedurende twee opeenvolgende jaren de goede trouw in hoofde van de belastingplichtige volledig herstelt.
Vanaf de vijfde opeenvolgende overtreding zal de belastingverhoging 200% van de ambtelijk in te kohieren belasting bedragen.
De verhoging wordt afzonderlijk in het kohier en op het aanslagbiljet vermeld, afgezien van het feit of het om één of meerdere overtredingen per aanslagjaar gaat.
- Deze belasting wordt door middel van een kohier ingevorderd.
Bedoeld belastingkohier wordt vastgesteld en uitvoerbaar verklaard ten laatste op 30 juni van het jaar dat volgt op het aanslagjaar door het college van burgemeester en schepenen.
De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na verzending van het aanslagbiljet.
De vestiging en invordering van de belastingen en ook de behandeling van geschillen hierover gebeuren volgens de modaliteiten vervat in het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en wijzigingen en het uitvoeringsbesluit terzake.
Het reglement zal worden bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286, §1, 1° en 287 van het Decreet Lokaal Bestuur.