In openbare zitting vergaderd;
Gelet op artikel 170, §4, van de Grondwet;
Overwegende dat de financiële toestand van de gemeente de invoering vergt van alle rendabele belastingen;
Gelet op het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en wijzigingen;
Sluikstorten is hinderlijk voor bewoners en voorbijgangers en bovendien nefast voor de natuur. Het opruimen van dit afval zorgt voor onnodige uitgaven voor de gemeente. Het is billijk dat de kosten voor het opruimen en verwerken van het achtergelaten afval betaald worden door de overtreder. Het verhalen van deze opruimkosten gebeurt door middel van het vorderen van een belasting;
Gelet op de gemeenteraadsbeslissing van 10 december 2018 waarbij voor een periode eindigend op 31 december 2019 een gemeentebelasting werd ingevoerd op het weghalen van afvalstoffen gestort of achtergelaten op daartoe niet-geëigende plaatsen, zijnde sluikstorten;
Gelet op het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017;
Op voorstel van het schepencollege;
Met ingang van 01 januari 2020 en voor een periode eindigend op 31 december 2025 wordt een belasting geheven op het weghalen en verwijderen door de gemeente van allerhande vaste en vloeibare afvalstoffen, gestort en / of achtergelaten op plaatsen, waar dit door een wettelijke of reglementaire bepaling verboden is.
De belasting is verschuldigd door de privaat of publiekrechterlijk persoon die de afvalstoffen gestort en / of achtergelaten heeft. Eventueel is de belasting verschuldigd door de burgerlijk verantwoordelijke van de private persoon.
De belasting bedraagt, voor een gestorte en / of achtergelaten hoeveelheid afvalstoffen met een volume van:
- minder dan ¼ m³: € 125,00;
- ¼ m³ tot en met 1 m³: € 250,00;
- meer dan 1 m³: € 250,00, vermeerderd met € 160,00 per bijkomende m³ of een gedeelte van m³.
De betaling van de belasting wordt gevorderd onverminderd de gerechtelijke vervolging tegen de personen bedoeld in artikel 2.
De belastingsschuld ontstaat vanaf het ogenblik van het weghalen en verwijderen van afvalstoffen en wordt ingevorderd door middel van een kohier.
Bedoeld belastingkohier wordt vastgesteld en uitvoerbaar verklaard ten laatste op 30 juni van het jaar dat volgt op het aanslagjaar door het college van burgemeester en schepenen.
De vestiging en invordering van de belastingen en ook de behandeling van geschillen hierover gebeuren volgens de modaliteiten vervat in het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en wijzigingen en het uitvoeringsbesluit terzake.
Het reglement zal worden bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286, §1, 1° en 287 van het Decreet Lokaal Bestuur.